Tag Archives: Barack Obama

Nogmaals voor verandering campagne voeren

Ook in de herfstvakantie verkeerde België in crisis. Eigenlijk is er sinds 2007 maar weinig veranderd. Een bananenrepubliek is dit land wel eens door ingezetenen genoemd. We maken ons belachelijk voor de hele wereld, en hebben te vrezen voor het komen van speculanten en het gaan van handelsreizigers. Nee, dan de Verenigde Staten.

In dat land vonden vorige dinsdag tussentijdse verkiezingen plaats voor leden van de Senaat en het Huis van Afvaardiging. Het was nochtans maar twee jaar geleden dat aldaar een soortgelijke verkiezing had plaatsgevonden, toen ook voor parlementsleden, en een president kon worden gekozen. Deze werden niet gehouden omdat er wat scheelde aan de gekozen Assemblees – er werden andere parlementsleden verkozen – maar omdat dat de normale gang van zaken is. Elke twee jaar verkiezingen op federaal niveau – de staten en steden volgen een ander ritme. Om van de voorverkiezingen nog maar te zwijgen. Het pre-electorale klimaat is daar eigenlijk altijd om te snijden.

Omdat de uitvoerende (president) en de wetgevende (parlement) macht in verkiezingen uit elkaar worden gehouden, kunnen merkwaardige verhoudingen ontstaan. President Obama verloor vorige week zijn meerderheid in het Huis van Afvaardiging, waardoor hij eigenlijk geheel afhankelijk wordt van Republikeinse steun. Met elk wetgevend initiatief dat hij wil nemen, zullen Republikeinen zich akkoord moeten verklaren. In 2012 heeft de kiezer te oordelen over een president die op zijn beurt niet te kiezen heeft over zijn eigen beleid. Tegen dan kan zelfs zijn meest prestigieuze project (de hervorming van de gezondheidszorg) aardig zijn teruggeschroefd. Kan hij natuurlijk nogmaals voor verandering campagne voeren.

De Verenigde Staten hebben ook een Senaat. En daar wordt niet op neergekeken. Hij is bedoeld om alle staten een eerlijke vertegenwoordiging te geven in Washington. Zo goed als allemaal hebben ze twee zetels voor het kiezen, waardoor zelfs leden uit het meest dunbevolkte achterland hun stem duur kunnen verkopen. Senatoren kunnen ook filibusteren, de procedure vertragen voor zolang iemand aan het woord blijft. Enkel zestig senatoren kunnen deze obstructie doorbreken, een aantal waar Obama sinds vorige week niet meer over beschikt. Wanneer een senator een benoeming tegen wil houden, kan hij dat zelfs anoniem, waar enkel een einde aan komt als de Senator zijn verzet staakt.

Het tweepartijensysteem is misschien het meest opvallende kenmerk van het Amerikaanse bestel. Opiniemakers als Yves Desmet hebben het wel eens als lichtend voorbeeld genoemd,  maar eigenlijk is daar geen enkel afdoend bewijs voor. Wie in een tweepartijensysteem een voorwaarde ziet voor duidelijke discussies en keuzes, zag zijn ongelijk de afgelopen tijd bewezen. Ondanks een spektakelcampagne, slaagde Obama er niet in fundamentele veranderingen door te voeren. En wat hij gerealiseerd kreeg, staat nu alweer op de wip. Wie in het systeem een garantie voor stabiliteit ziet, kreeg eveneens ongelijk. De Tea Party slaagde er niet enkel in de Grand Old Party naar rechts te sturen, maar tast eigenlijk het hele systeem aan. Republikeinen en Democraten staan onder druk van een fundamentalistische beweging.

Het beeld dat België een bestuurlijke zandbank is in een verder egale waterplas, was nooit correct. Dat deed Silvio Berlusconi te kort. De Verenigde Staten staan voor een periode van twee jaar, die qua wanbestuur al helemaal niet voor onze malaise zal moeten onderdoen.

Met eindredactie te lezen op Apache.

Leave a Comment

Filed under Wereld

De uiterkingen en gezondheidszorg die ze zelf ontvangen

Vandaag wordt in de Verenigde Staten gestemd over de zetel van leden van zowel de Senaat als het Huis van Afvaardiging. De Amerikaanse politiek is in het verleden vaker in de ban geraakt van hysterie, maar het blijft opmerkelijk dat een radicale beweging als de Tea Party er in geslaagd is tot een tweepartijensysteem door te dringen. Dat ziet er gevaarlijk uit, maar in de eerste plaats is het een droevig troepje.

De Tea Party is een rommelig allegaartje dat haar karretje aan de Republikeinse partij heeft aangehangen, maar tezelfdertijd ook afstand neemt van die partij. Zonder een echte leider – Glenn Beck en Sarah Palin komen het dichtst in de buurt – hebben ze eigen kandidaten naar voren geschoven bij de voorverkiezingen van de Republikeinen. Sommige daarvan hebben het officiële kiesbiljet gehaald. Gematigdere republikeinen zoals Bob Inglis moesten daardoor het onderspit delven, en worden als Republicans In Name Only (RINO) gebrandmerkt.

Amerika van de echte Amerikanen

De drijfveren van de beweging, zijn vooral sentimenten. Wat dat betreft, valt de Tea Party te vergelijken met West-Europese antipartijen als de PVV van Geert Wilders en het Vlaams Belang in Vlaanderen. Ze teren op frustraties, angsten en waanbeelden van mensen, waartegenover een kinderlijk simplistisch wereldbeeld wordt geplaatst waar het lekker bij wegdromen is. De Tea Party verwijst met de regelmaat van de klok naar een teloor gegaan Amerika, dat terug opgebouwd moet worden. Naar vroegere tijden, toen Amerika nog aan de echte Amerikanen toebehoorde. Of dat de tijd was toen de rassensegregatie nog bij wet geregeld was, wordt nooit helemaal duidelijk.

Er wordt met andere woorden fervent gegoocheld met geschiedschrijving, net als met christelijke en islamofobe retoriek. Een beetje wat het beste schikt. Daartegenover staat een staalhard geloof in de vrije markt. De aanhangers willen mekaar wel eens tegenspreken, maar niet als het daarover gaat. Barack Obama is een socialist die de federale overheid tot een tiranniek bewind heeft gemaakt, en daar moeten we beter vandaag dan morgen van af zien te komen. Anders dreigt rampspoed voor de Verenigde Staten, wat vooral af te leiden viel uit het fanatisme waarmee de hervorming van de gezondheidszorg werd bestreden. Twee peperdure oorlogen tot daar aan toe, meer een universeel gezondheidsstelsel was hen een brug te ver. Als je er niet aan zou kunnen sterven, dan zou je er toch een aantal fundamentele vrijheden aan kwijtraken.

Revolutie van het proletariaat

Dit heilige geloof in de vrije markt valt misschien te duiden door de geldschieters die achter de Tea Party zitten. De meest beroemde zijn de broers Koch geworden, die een gigantisch conglomeraat van bedrijven en industrieën beheren. Zij gaven onder meer miljoenen dollars aan FreedomWorks, een organisatie die de Tea Party begeleidt en ondersteunt. De belangen van zulke zakenmannen liggen bij een zo klein mogelijke overheid die het bedrijfsleven zo min mogelijk stoort. En zo krijg je kandidaten van de Tea Party die pleiten voor het afschaffen van alle ministeries behalve Buitenlandse Zaken, Financiën en Justitie, of anderen die de belastingsdienst dan weer willen ontmantelen.

Waar bedrijfsleiders voordien hun belangen via lobbyisten veilig stelden, zijn ze er nu in geslaagd de sentimenten van een boze massa te recupereren. Mensen zijn boos, omdat de wereld om hen heen bruusk verandert, en vooral omdat zij daarvan het slachtoffer zijn. Niet alle aanhangers van de Tea Party zitten aan de grond, maar een aanzienlijk deel van hen raakte gefrustreerd omdat ze de afgelopen tijd hun baan kwijtraakten. De financiële crisis zorgde in de Verenigde Staten voor een recordaantal werklozen. Het is logisch dat zoiets kwaad maakt, maar de stap die zij daarna hebben gezet – een hetze ontketenen tegen de federale overheid – staat loodrecht tegen hun eigen belangen.

Waar in Europa de malcontenten zich tegen moslims keren, zijn hun Amerikaanse tegenhangers vastbesloten om de uitkeringen en gezondheidszorg die ze zelf ontvangen af te schaffen. De deregulering, die de bancaire crisis heeft veroorzaakt, kan hen niet ver genoeg gaan. In de Verenigde Staten is misschien wel het omgekeerde bezig van wat Karl Marx voorspelde. Er is iets aan de gang dat op een revolutie van het proletariaat lijkt, maar alleen verdedigen zij de tegengestelde belangen, die van de machtige, economische klasse. Je kan er om lachen, je kan er om huilen, maar boven alles is dat erg zielig voor henzelf.

Leave a Comment

Filed under Wereld

Het sprookje van de zwarte prins

By the people – the election of Barack Obama (HBO, 2010)

Amy Rice en Alicia Sams volgen in By the people Barack Obama en alle mensen om hem heen tot en met verkiezingsavond 2008. Het oorspronkelijke plan was een documentaire te maken over een jonge en talentvolle politicus – ze begonnen te filmen in februari 2007 -, maar het werd een sprookje.

Natuurlijk gaat het soms mis en slaagt Obama er niet in alle primaries te winnen – dat zou verdacht zijn -, maar je weet dat het goed zal aflopen. Je weet dat Barack Obama de eerste Afro-Amerikaanse president van de Verenigde Staten zal worden. De film toont tegenslagen en teleurstellingen, en dan is iedereen ook echt erg droevig, maar het happy end komt nooit in gevaar. Het verhaal wordt er enkel geloofwaardiger en spannender door. En wanneer Hillary Clinton een bescheiden succesje boekt, belt Obama haar wel op om haar te feliciteren. Hebben we toch nog een heel schoon beeld.

De twist in deze film en eigenlijk in de hele verkiezing van Obama, is dat het nooit om politiek gaat. Zeker niet voor Europeanen, maar ook voor Amerikanen heeft dit weinig met real politics van doen. Daarvoor hoef je enkel de rigoureuze beloften van Obama te vergelijken met het gesteggel en gefilibuster waar de ziektewet uiteindelijk uit is voortgekomen. In de campagne leek het er op dat Obama zo ongeveer het hele bestel wilde omver werpen – changement! -, maar daar is tot nu toe maar weinig van te merken. Is dat erg? Kiezersbedrog? Natuurlijk niet. Een presidentiële campagne is nu eenmaal wat anders dan een democratisch besluitvormingsproces, en gelukkig maar.

Het meest ontroerende beeld – natuurlijk hebben we traantjes wegpinkt – is een jongen van negen jaar die telefoontjes pleegt om kiezers te overtuigen. Een schat van een jongen. De kans is natuurlijk groot dat hij zomaar doet wat zijn ouders hem hebben opgedragen. Eigenlijk een beetje zielig, maar omdat het voor Obama is, wordt het hartverwarmend. Die man is zo ingoed dat het aannemelijk wordt dat kinderen zijn plannen snappen en toejuichen. Hoe kan je ook tegen zijn? Obama als sinterklaas. Ook een overenthousiaste en vermoedelijk homoseksuele Aziaat levert mooie scènes op. Hij ronselt stemmen, en belt op gezette tijdstippen huilend met zijn moeder. Alles voor Obama. Alles voor verandering. Daar worden wij (nog steeds) week van.

Op verkiezingsavond staat de hele ploeg met tranen in de ogen wanneer Obama overduidelijk gewonnen is. Je weet dat dat eraan komt nog voor de DVD in de speler zit, maar het blijft overweldigend. Een historisch moment, zoals we zeggen. Kwatongen beweren dat ook daar het sprookje eindigt, en het vuile spel dat politiek heet begint. Maar wij geloven niet in Susan Boyle, en zolang er geen mooier sprookje geschreven wordt, blijven we By the people koesteren als onze lievelingsteddybeer.

1 Comment

Filed under CJP, Uncategorized

32

Jonathan Holslag schrijft zaterdag in De Morgen dat 2010 het jaar van de waarheid zal worden. Hij heeft het over de relaties tussen China en de Verenigde Staten. Ook wat Belgische politiek betreft, weten waarnemers nu al dat dit jaar bijzonder speciaal wordt. Los van dat de vorige jaren ongetwijfeld op dezelfde manier werden aangekondigd, is daar vooralsnog weinig van te merken. Guy Tegenbos schreef woensdag een commentaar in De Standaard over laattijdig arriverende treinen. Dat kwam hard aan. Dan maar gedaan wat alle anderen de afgelopen dagen deden. Barack Obama zit een jaartje in het zadel, en dus wordt het tijd voor de eerste cynische (kritische) kanttekeningen. Want we hadden er toch meer van verwacht.

Overal valt ongeveer hetzelfde te lezen als wat werd gepubliceerd toen Obama honderd etmalen aan de gang was. Wat had iedereen daar veel over te zeggen. Her en der werd weliswaar opgemerkt dat er eigenlijk niet zoveel zinnigs te melden valt na iets meer dan een seizoen changeren, maar het noopte niemand tot zwijgen. Afghanistan stond nog steeds in brand, en dat socialisme van hem viel ook danig tegen. Na een jaar konden alle remmen los. Radio 1 ging aan holebi´s vragen wat zij van hun president vonden. Ook op dat front had hij veel beloofd. En het viel allemaal tegen.

Op enkele gekkige kruidenvrouwtjes na, heeft niemand Barack Obama ooit heilig verklaard. Vreemd dat veel opiniemakers daar niettemin een aanzet in vinden om een kritische tussenstand op te maken. Verder wordt voorop gesteld dat de algehele ommekeer die door Obama in de campagne werd beloofd, is uitgebleven. Niet geheel onterecht is dat. De nieuwe president heeft de puinhopen van zijn voorganger niet weg kunnen toveren. Wie dat schrijft, en daarmee aangeeft er ooit ook in te hebben geloofd, is echter nog naïever dan wie op tijd en stond zoiets triviaals als een heiligverklaring uitspreekt.

De duidelijkheid van het Amerikaanse kiessysteem wordt hier weleens bezongen. Yves Desmet pleitte enige tijd geleden voor de invoering van een tweepartijensysteem, omdat een tweespalt de duidelijkheid zou bevorderen. Niet enkel versimpelt dat politiek tot een duel (de mogelijkheid van een derde, vierde of vijfde perspectief wordt uitgesloten), maar je gaat ook voorbij aan de rol van parlementariërs. Wanneer een partij het halve spectrum moet overkoepelen, is deze genoodzaakt een bijzonder heterogene fractie te vormen. De presidentskandidaat mag duidelijkheid scheppen waar hij wil, maar dat zegt weinig over de slaagkansen van zijn voorstellen in kamer en senaat. Als na zijn doortocht in het Witte Huis nog steeds Amerikanen zonder ziekteverzekering door het leven moeten, heeft dat niet aan Obama gelegen. Zijn partijgenoten wilden hem niet volgen.

Naast de last van de eigen fractie, weegt ook het nalatenschap van George W. Bush zwaar. Om van de Nobelprijs voor de vrede nog maar te zwijgen. Obama is Afghanistan niet binnengevallen. Hij heeft deze oorlog geërfd, en gezocht naar een eerbare methode om hem te beëindigen. Je maakt je er niet populair mee bij pacifisten, maar als een tijdelijke stijging van het troepenaantal een reëel eindperspectief in zicht brengt, is dat niet meer dan redelijk. Hij had zijn militairen ook zonder meer kunnen terugtrekken, maar dan zou de boel waarschijnlijk helemaal in elkaar storten. Ook met de economische en financiële crisis had de eerste Afro-Amerikaanse president maar weinig te maken. Laat staan met de onstuitbare opgang van China in de vaart der volkeren. Obama kreeg het allemaal op zijn bord, en kan daar maar weinig aan doen in een land dat geobsedeerd is door een vrije markt en deregulering.

Natuurlijk was de verkiezing van Barack Obama historisch, maar ook deze president moet afschuwelijke compromissen sluiten. Met democratische en republikeinse parlementsleden, met multinationals, en met het verleden. Het zou best kunnen dat zijn ambtstermijn niet zal brengen wat iedereen ervan verwachtte, maar je kan niet zeggen dat Obama het niet heeft geprobeerd.

Leave a Comment

Filed under Uncategorized

9

Lesley Deckers zit in de cel. Een ramp voor wie deze zomer dienst doet bij een redactie. De rioolkranten hadden zich alweer op de miserie geworpen die Yasmine enkele tijd geleden achterliet, waarna de kwaliteitskranten noodgedwongen in columnvorm volgden. Annick De Ridder deed een desperate poging – Ludieke actie! – om enige aandacht voor haar persoon los te krijgen, en Marie-Rose Morel had wat te melden, namelijk beterschap. Aan beide onderwerpen besteed je met bepaald weinig plezier enige aandacht. Ook de sceptische put waar justitie steeds meer op gaat lijken, brengt nog maar bitter weinig teweeg.

Dan maar elders verstrooiing gezocht. President Barack Obama soupeert zijn vakantie dezer dagen op aan een campagne voor de hervorming van de Amerikaanse gezondheidszorg. Hebben we eens wat om over te praten. Hoewel een dappere missie, oogt een bedelende president niet fraai. Het politieke systeem waaronder de Amerikaanse overheid werkt, verliest elke ambtstermijn ongeveer een heel jaar aan campagnevoeren en verkiezingen. Je zou denken dat dat wel moet volstaan. Helaas. De evenwichten blijken daarentegen zo instabiel dat de president na zes maanden van goed bestuur alweer de hort op moet om een deel van zijn programma te verkopen. Anders kan de machtigste man ter wereld het vergeten. Klinkt gezellig democratisch, maar doet bijna verlangen naar een dictator. Wanneer sommige mensen zich enkel met mosselen zouden bezighouden, hebben politici de ruimte om ook daadwerkelijk het een en het ander te changeren. Zoiets, ongeveer.

Onder Europeanen is genoegzaam bekend dat de Amerikaanse gezondheidszorg een complete ramp is. Idealen en ideologieën heb je daar niet voor nodig, cijfers voldoen. De kostprijs is ongeveer dubbel zo hoog in vergelijking met het Europese model, maar het systeem slaagt er verre van in iedereen van een menselijke verzorging te voorzien. In deze valt Amerika het beste te vergelijken met een ontwikkelingsland. Cuba doet beter. Je hoeft geen witte wijn drinkende Europese nicht te zijn om in te zien dat hier enige change op zijn plaats is. Obama maakte van dezelfde conclusie een verkiezingsbelofte, waarvoor hij een dure prijs lijkt te moeten bepalen. Quoi?

De vraag waarom vele Amerikanen zo huiverachtig staan tegen een reorganisatie van een zodanig belabberd systeem, valt van op het versleten continent moeilijk te beantwoorden. Wie het karton bekijkt waarmee gedemonstreerd wordt tegen de plannen, vermoed heel wat. Het heeft iets te maken met Hitler, maar eveneens met Stalin. Ook dode grootouders worden gevreesd, en vermoorde baby´s. Net als: Socialisme. Enkel God lijkt er buiten te worden gehouden, maar die wil natuurlijk privatiseren. Manke boel. Of hoe mensen met dit zomerweertje nogal makkelijk in de ban van hysterie kunnen worden gebracht. Indoctrinatie, lijkt het wel, op een manier waar radicale Islamisten en andere vijanden van de vrije wereld nog een puntje aan kunnen zuigen.

Verder is het nogal simpel. Althans zolang Obama zich niet laat leiden door die opgehitste volksmeute. In deze zou het afschaffen van die ridicule tussentijdse polls overigens voor een welgekomen verademing zorgen, maar dan is politiek plots veel minder leuk natuurlijk. Bon. Obama heeft een goed plan opgevat, dat weliswaar ingaat tegen de wil van een van de belangrijkste lobbygroepen. Het geld dat de Amerikaanse staat uitgeeft maar niet bij de werkelijke zorgbehoevenden belandt, gaat tenslotte niet naar ontwikkelingssamenwerking maar naar verzekeraars en andere perifere bedrijven. Kapitalistische zwijnen, zeg maar. Nou is dat geen enkel probleem voor de president-idealist. Hij is verkozen met als belofte de gezondheidszorg te hervormen en zal er de beuk in zetten ook. Goed voor de mensen bovendien. Democratische parlementsleden hebben het daarentegen moeilijker. Zij zijn vaak afhankelijk van zulke lobbygroepen, en ook hun politieke toekomst hangt meer af van een (doorgeslagen) publieke opinie. Democraten kunnen nooit op tegen de propagandamachine van verzekeraars die een miljardenverlies pogen te voorkomen. Hen zal Obama dus moeten meekrijgen, want zonder hun steun is hij een vogel voor de kat. Daarom moet de president het reces doorbrengen in sportzalen waarnaast zich steevast een gesubsidieerde volkswoede ontrolt. Niet uit democratisch, maar opportunistisch oogpunt, dus. Hopelijk lukt hem dat.

Leave a Comment

Filed under Uncategorized